Expo 'My Dream. Art in Prison' toont hoe kunst doorwerkt achter de tralies



review by Geert Van Der Speeten.
published on 15 Jun 2026 in De Standaard

Het Kadoc combineert hedendaagse kunst over misdaad en straf met werken die ontstonden tijdens workshops achter de tralies. De expo ‘My dream. Art in prison’ toont hoe groot de nood aan zelfexpressie van gedetineerden is.

In samenwerking met vzw Art Without Bars leidde kunstenaar Zachary Susskind in 2014 een reeks workshops binnen de gevangenis van Andenne. Ter introductie kregen de gedetineerden het beroemde Zwarte vierkant van Malevitsj te zien. Op het einde van de workshop plaatste een deelnemer, de Marokkaanse moslim Jason, zijn eigen creatie hoog in de hoek. Een sacrale setting, net zoals Malevitsj dat honderd jaar eerder had voorgedaan.

Susskinds foto’s van de gevangenen, op de rug gezien en stiekem genomen tijdens de sessies, hangen in de tentoonstelling My dream. Art in prison in het Kadoc in Leuven. Met zijn portretten wilde de kunstenaar de discretie bewaren, maar ook aangeven hoe mensen in detentie vaak monddood gemaakt worden.

Art Without Bars bestaat intussen een kwarteeuw. In 2000, het jaar dat Brussel culturele hoofdstad van Europa was, vonden de eerste workshops plaats in de gevangenissen van Sint-Gillis en Leuven Centraal. Daarna zouden ze uitgroeien tot opgemerkte initiatieven, vaak geleid door kunstenaars met naam, onder wie Anne-Mie Van Kerckhoven en Sam Dillemans. Ze lieten zien hoe gedetineerden nood hadden aan zelfexpressie. Hoe ze, als er begeleiders bij het creatieproces betrokken waren, ook eens een gesprek van mens tot mens konden voeren in plaats van zich als opgesloten zielen te voelen tegenover hun bewakers. Kunst achter de tralies draagt bij tot heling, is de slotsom. Ze maakt trots. En ze kan een element van zingeving zijn en voorbereiden op het burgerleven.

Broodkruim

Dat gevangenissen op een onmenselijke manier overvol zijn, haalt continu het nieuws. Agnès Rammant, bezieler van Art Without Bars, voegt er haar eigen verhaal aan toe. Ze ervaarde de voorbije jaren een tendens naar minder humane detentie, met almaar meer controle. Instellingen reageren terughoudender tegenover de kunstinitiatieven, zo merkt ze op in de catalogustekst, deelnemers worden mondjesmaat toegelaten. Vanaf 2017 verschoof de focus meer naar geïnterneerden, psychiatrische patiënten met een juridisch verleden.

De sessies halen het creatieve in de mens naar boven, zo valt te zien in de tentoonstelling, en dat vaak met onschadelijk materiaal en laagdrempelige technieken. Er hangen portretten in broodkruim, een workshop koos voor bodypaint om tattoos te simuleren, elders hangt een voorbeeld van het project Top hats, dat schimmen en creaties met schaduwen aanmoedigt.

Aangrijpend is het werk van Claude F. Als een soort écriture automatique vulde hij een lint met abstracte motieven. Hij leed aan kanker en kon de rol nog net afwerken voor zijn dood. Kunstenares Nora Theys ontmoette delinquent Hubert D. op het einde van zijn periode van opsluiting en maakte twee portretten van de man met de droevige blik. Op de close-upversie kraste ze op zijn verzoek ook de tekst “Mijn fantasie heeft mij er al die jaren doorgeholpen”.

Schokeffect

My dream. Art in prison is een tweeluik: deels artistiek en deels documentair, over gevangenschap dat sinds de achttiende eeuw steeds menswaardiger werd. Werk gemaakt in opsluiting – tekeningen, kleinoden, poëzie en zelfs memoires – vindt in de centrale ruimte een pendant in hoe hedendaagse kunstenaars kijken naar misdaad en straf.

Gestileerd geweld wisselt af met gruwelijke beelden. Danny Devos en Jan Fabre leefden zich in, of identificeerden zich met misdadigers. Devos correspondeerde en werkte samen met ‘De Wurger van Linkeroever’. Fabre dook in 2008 op in het Louvre, vermomd als de overvaller Jacques Mesrine. Hij wijdde aan de performance het boekje Art kept me out of jail.

Johan Muyle schuwt het schokeffect niet met The show must go on: een werkje waar je op een rode knop moet duwen om beelden te zien van de executie van Saddam Hoessein. Natalia Drobot serveert, zoals in het verhaal van Johannes De Doper, het hoofd van Lenin op een schotel. En heel herkenbaar: in 2022 blokletterde Nikita Kadan bij de Russische inval in Oekraïne de niet mis te verstane woorden “Cheap gas, cheap blood”.

  • My dream. Art in prison.

Te zien in Kadoc, Leuven, tot 9 augustus




read online: https://www.standaard.be/media-en-cultuur/expo-my-dream.-art-in-prison-toont-hoe-kunst-doorwerkt-achter-de-tralies/154487813.html

Related group exhibitions: My Dream - Art in Prison
3 views